Posts tonen met het label DLWO. Alle posts tonen
Posts tonen met het label DLWO. Alle posts tonen

woensdag 13 november 2013

Visie op DLWO - de Burcht-metafoor - Onderwijsdagen 2013



De elementen in deze metafoor zijn de burcht – waar de metafoor naar is genoemd - , de stad, en het land daar weer omheen. Het gaat in deze metafoor vooral om de stad. Daar wordt geleefd, gewerkt, handel gedreven. In de stad is het relatief veilig: er staan muren omheen. Buiten de muren van de stad is van alles mogelijk (de digitale wereld), en daar is het onveilig. Je moet laten zien wie je bent als je de stad ingaat. De poorten staan open, want er is verbinding tussen stad en wereld: er is interactie. In de stad staat een burcht: de kernsystemen van de instelling. Privacygevoelige informatie, managementinformatie, etc. Het hoeft niet zo te zijn dat de info zelf (servers) in de burcht staan.
De hamvraag: wat plaats je waar? Want deze eenvoudig te begrijpen metafoor laat nog veel mogelijkheden toe over wat je nu exact in de Burcht gaat doen, en wat in de stad. elke instelling kan hier verschillende keuzen in maken. De relevante vragen die hierbij kunnen helpen, zijn: je wilt snel toegang tot gegevens met hoge kwaliteit. En/of je wilt gebruikers maximale vrijheid geven. En/of je wilt voldoen aan wet/regelgeving. En/of je wilt efficiënt omgaan met je middelen. En/of je wilt de risico’s beheersen. Deze vragen kun je loslaten op inhoudelijke thema’s als: gegevensbeheer, archivering, informatiebeveiliging.
De moraal van het verhaal: het draait niet alleen om ICT, maar om de afspraken hoe we met info omgaan: over processen dus. Het is niet iets wat de afdeling ICT alleen kan doen.

dinsdag 19 april 2011

HvA-DLWO-bijeenkomst 18 april

Deze middag is de bedoeld om een toelichting te krijgen op het programma DLWO. Dat programma wil, in grote lijnen, een verbetering van de dagelijkse werkpraktijk realiseren. Het gaat hier om de praktijk van het leren en werken op de HvA.

Edward Zijlstra, programmanager DLWO, licht de achtergrond toe. In het kort gezegd gaat het om een bundeling van functionaliteiten in één systeem. Hij haalt Joke Drost aan die heeft geformuleerd dat een DLWO, zoals deze, drie interactiepatronen faciliteert:
1. het proces van leren
2. de communicatie die nodig is voor het leren, en
3. de organisatie van het leren
Hierna gaat hij in op het programmaplan Onderwijsuitvoering 2010-2015. Daaruit blijkt de samenhang in het gehele programma. Hij benadrukt dat er een zekere georganiseerdheid in een domein nodig is m.b.t. het gebruik en beheer. Verder beschrijft hij een zogenaamde plateau-indeling: een soort van fasenplan. In eerste instantie (plateau 1) wordt een basisinrichting gerealiseerd, inclusief een zogenaamde appstore. Daarna wordt er gewerkt aan plateau 2, zijnde de integratie met bronsystemen. Tot slot: plateau 3: doorontwikkeling
Aan het einde van zijn spreektijd loopt hij een aantal succesfactoren langs zoals: overtuiging bij stakeholders, dialoog tussen stakeholders, professionalisering, organisatie etc.

Gerard Blijker is samen met Sander Steeman de centraal functioneel beheerders van de DLWO. Gerard vertelt dat de DLWO wordt gerealiseerd m.b.v. sharepoint 2010, lekker modern. De omgeving is gepersonaliseerd: dat betekent dat je je bijvoorbeeld kunt abonneren op mededelingen van de vakken die je wilt ‘volgen’. Andere zaken krijg je dan als student niet te zien. Elk vak heeft zijn eigen site waar informatie over dat vak is te zien: mededelingen, lesmaterialen, discussiefora, webconferencing, een dropbox (plek om huiswerk in te leveren) etc. Ander vak? Dan een ietwat andere indeling. De dropbox kun je koppelen aan Ephorus, handig. Elke opleiding of elk vak, kan ook een teamsite voor docenten inrichten. Hij merkt tot slot op: deze DLWO is geen ELO. Er zitten bijvoorbeeld geen toetsen in, en het is niet mogelijk om leerpaden te maken.

Michael Broomhead docent in het domein Techniek die al met de DLWO heeft gewerkt, krijgt het woord. Het gaat hier om een – kleine - deeltijdopleiding. Hij heeft de DLWO toegepast, specifiek, de volgende twee onderdelen:
1. discussiefora. Hiermee gaf hij gerichte feedback op het werk van de student.
2. Webconferencing. Hierbij gaf hij extra uitleg adhv een probleem waarvan eerder duidelijk was geworden dat het een gemeenschappelijk probleem is.
Hij licht beide duidelijk toe a.d.h.v. studentenmateriaal uit zijn lessen. Het is indrukwekkend om te zien hoe hij de webconferencing tool heeft gebruikt. Overigens zonder webcam! Hij gebruikte daarbij vooral het whiteboard om zijn verhaal toe te lichten. De studenten konden vragen stellen, m.n. via de chat. Hij licht toe dat het bij een tweede groep studenten minder goed werkte. Daar zat niet een student bij die aanstuurde op gebruik. Opvallend dat het kennelijk deels het initiatief van de studenten is om gebruik te maken van deze functionaliteiten. Uit de zaal wordt opgemerkt dat deze vorm van begeleiding ook door ouderejaars studenten gedaan kan worden: goede suggestie!
De opleiding heeft tot de ambitie om de gebruikte leerstof in een wiki te plaatsen. En om hierbij oefenopgaven te maken met een soort van leerpad bij geconstateerde fouten (dit is overigens geen standaard sharepoint functionaliteit).

Gijsbert van den Brink, student HRM, arbeidsrecht, via SURFgroepen geeft een presentatie. Hij doet dat – in eerste instantie - via de webconferencingtool van de DLWO: we kunnen hem zien en horen, inclusief zijn presentatie, waarbij hij zelf zich elders op de HvA bevindt. Dat blijkt de gang te zijn, want na een paar minuten loopt hij binnen en concludeert hij dat deze functionaliteit in deze situatie niet tot zijn recht komt. Later in zijn verhaal vertelt hij hoe hij en zijn mede-studenten regelmatig via de webconferencing-tool met elkaar contact hadden en dat dit tientallen uren aan reistijd heeft bespaard. Ook het documentbeheer vindt hij veel praktischer. Kortom; deze student vindt de ‘service’ van DLWO geweldig. Hij weet toch ook een paar nadelen te benoemen. Docenten reageerden soms een beetje traag: die bleven zitten wachten bij de mail. Ook de studenten zelf waren niet allemaal zo heel erg NETgeneratie.

We zijn toe aan de wrap up. Robbert Bosch haalt een paar reacties aan die via postits gegeven zijn in de pauze.
Een leest een paar kansen voor vanaf de postists:
• Studenten kunnen zich beter voorbereiden op practicum en tentamen
• studenten een rol geven bij ontwikkeling van apps

Hij somt de volgende zorgen op die ingebracht zijn:
• studenten moeten voorgelicht worden: bij niet goed gebruik mist de student informatie
• hoe zorg je voor overleg tussen domeinen
• hoe betrek je docenten en studenten
• hoe benut je de didactische mogelijkheden –beter – uit
• goed nadenken over ondersteuning voor studenten en docenten

Er ontstaat een gesprek over onder meer de volgende onderwerpen:
• waar ligt de grens tussen deze HvA-tool en de buitenwereld.
• Het leren is 24/7. De ondersteuning niet: dat is te duur. Wat is hier haalbaar?
• Hoe autonoom zijn de domeinen: wat is hier wenselijk? Kunnen ze zelf keuzen maken?

Reageer op de stelling ‘Digitaal leren en werken verbetert de kwaliteit van ons onderwijs’

vrijdag 17 december 2010

Samenwerkingsomgevingen

Toen ik voor het eerst Blackboard zag, viel ik zo'n beetje van m'n stoel van verbazing. Geweldig vond ik het. In mijn vorige baan had ik me veel met courseware beziggehouden, je weetwel, van die electronische oefeningen. En hoewel ik in workshop alle voordelen moeiteloos kon opnoemen, knaagde het wel een beetje. het was een beetje een ingeblikte docent, en dan meestal niet zo'n goede. Drill & Practice is nog wel zinvol, maar zooo 1960. Maar zo'n leeromgeving.. die samenwerking (in potentie), dat was het helemaal. Nu 10 jaar later is de glans er wel een beetje vanaf. Het is vooral documenten delen, en verder weinig echt leren. Ik ben daar eigenlijk niet heel optimistisch over. Vandaar dat ik die conclusie uit het WTR-rapport wel opvallend vind.

dinsdag 9 november 2010

OWD 2010, Ellen van den Berg over de toekomst van de digitale leer- en werkomgeving (DLWO)

Ellen is Lector aan de Edith Stein Hogeschool en UHD aan de UT (Erwin en ik hebben nog les van haar gehad). Ze heeft als lid van de Wetenschappelijk Technische Raad (een onafhankelijk adviesorgaan van SURF) meegeschreven aan een adviesrapport over de toekomst van de DLWO). In deze presentatie bespreekt ze drie conclusies waarvan er eentje nogal opzienbarend is.
SURF had om dit adviesrapport gevraagd omdat ze zitten met de vraag of de DLWO een goede ontwikkeling is. Is deze onmisbaar? Of is deze nu al ouderwets vanwege tools als Hyves, Facebook enzo.
Die ene conclusie, waarvan ze ook zelf meldde dat ze er in eerste instantie (!) een ongemakkelijk gevoel bij kreeg, luidt: Er is een kanteling in het denken aanwezig. De aandacht voor de inzet van ICT in het onderwijs voor didactische doeleinden verschuift naar de inzet van ICT voor ondersteunende doeleinden. Met andere woorden: er is meer winst te halen met de inzet van ICT in de secundaire processen (onderwijslogistiek, bedrijfsvoering, etc.), dan in de primaire processen. Dit kan Curtis Johnson toch nooit een goed plan vinden. Maar we luisteren even verder.
Ellen zegt dat ze ook vonden dat de kennis en vaardigheden van docenten m.b.t. het technisch en didactisch gebruik van ICT niet is zoals je het zou willen. Ze haalt hiervoor het TPACK-model aan) om duidelijk te maken dat, als je het goed wilt doen, je van goeden huize moet komen. Aan de hand van het TPACK-model betoogt ze verder dat de inzet van ICT – soms - zo specifiek is voor een bepaald vakgebied dat deze geen onderdeel kan zijn van een DLWO. Dus je schuift t.a.v. de inzet van ICT meer richting het vakgebied op, en minder naar algemene didactische functionaliteiten. Dus deze – didactische – inzet van ICT is te specifiek voor een DLWO, die heb je daar dus niet voor nodig. Dat haal je dan uit de cloud. Zie ik glazige ogen?
Terug naar de startvraag. Volgens Ellen is het eigenlijk een achterhaalde vraag. Die DLWO die blijft echt wel (op de HvA gaan we er net mee beginnen ). De vraag is: wat stoppen we in de DLWO en wat in de cloud. Haar suggestie: go hybride. Inzet van ICT is breder dan de inzet van de DLWO.